Visie op Pensioenbestuur

De kern van mijn bestuurlijke ervaring ligt in het domein van pensioenen. De rolverdeling in dit veld is dat de pensioenbestuurder uitvoerder is van een door cao-partijen afgesproken regeling voor een inkomensvoorziening na pensionering voor de deelnemers. Dat betekent goed huisvaderschap over de ingelegde gelden. In het huidige stelsel is de invloed van de individuele deelnemer beperkt. Bovendien lopen belangen van de deelnemers ook niet gelijk op en zijn door de lange tijdshorizon niet altijd zichtbaar. Daarnaast bepalen wettelijke eisen in hoge mate de grenzen van de keuzevrijheid die een bestuur heeft en is er een trend naar meer individualisering zichtbaar.

In dit krachtenveld laat ik mij leiden door de volgende uitgangspunten:

  1. Een zo goed mogelijk pensioen voor alle deelnemers aan de regeling.
  2. Risico, kosten en rendement moeten passen bij het profiel van de deelnemers vooral ook voor deelnemers met relatief lage inkomens.
  3. De regeling, onderliggende keuzes en de effecten voor deelnemers moeten uitlegbaar en begrijpelijk zijn voor àlle deelnemers.
  4. Solidariteit moet goed doordacht zijn en is voor micro-langleven risico vanzelfsprekend.
  5. Collectiviteit en individuele keuzevrijheid bij beleggingen bijten elkaar niet.
  6. Hoe jonger de deelnemer, hoe meer nadruk op eigen verantwoordelijkheid voor financiële planning, mede gelet op risico’s van politieke besluitvorming.

Ter illustratie: in dit artikel gaat in op de koopkrachteffecten van verschillende beleidsmaatregelen die een pensioenfonds kan nemen.